Het hoort erbij. Ook als musicus moet je je waren een beetje verkopen. Dat dacht ik tenminste, tot afgelopen vrijdag. Toen bezocht ik in de Leidse Stadsgehoorzaal een concert van de heer Grigori Sokolov, een Rus die piano speelt. Hij deed één halfslachtige buiging, ging zitten met een hoofd dat op zwaar weer stond, en speelde de sterren van de hemel. Echt geweldig. Stond op, halfslachtige buiging, begon aan het tweede stuk. Keek daarbij zo kwaad dat je niet zou durven te kuchen, laat staan klappen tussen de delen door.
Vriendin S.: ‘In Nijmegen dreigde hij het concert eraan te geven omdat mensen te veel zaten te hoesten!’
Ik dacht bij mezelf dat dit natuurlijk geen porum was. Geniaal pianospel hoor, maar voor zo’n performance gaan mensen niet lang applaudisseren, en al helemaal niet staan. Mis. Staande ovatie, en zes toegiften. ZES. S.: ‘Eén minder dan in Nijmegen.’ Geweldig. En dan vergeten we even dat het (voor het publiek) op een gegeven moment een sport werd om de oude man ertoe over te halen nog een keer terug te komen. Hoewel, oude man? Hoe oud schat je hem? En wat zegt wikipedia?
Hij ziet er volgens mij inderdaad ‘altijd’ al twintig jaar ouder uit dan hij is… Geniale, integere musicus wel!